Commentaar op artikel uit Binnenlands Bestuur van 05-03-2009
Maandag, 23 maart 2009
Gemeente Amsterdam zet camera’s in als opsporingsmiddel
Het stadsdeel Amsterdam Zuidoost gaat bij wijze van proef voor een jaar drie camera’s richten op vuilcontainers. De camera’s worden op steeds wisselende locaties vanuit flatgebouwen op de vuilcontainers gericht. Waar de camera’s precies worden geplaatst blijft geheim. Stickers op de vuilcontainers waarschuwen voor het cameratoezicht. Op deze manier wil het stadsdeel volksergernis nummer één aanpakken: de grofvuilproblematiek. Eerdere pogingen om het illegaal op straat zetten van koelkasten, banken, verfresten, et cetera, tegen te gaan hebben niet het gewenste effect gehad.
Door Frank Schouwstra (www.panopticam.nl)
Bij het handhaven van de openbare orde zoekt de overheid steeds vaker de grenzen op van het juridische toelaatbare. En soms gaat zij daar (expres) overheen. In het geval van de bovenstaande casus lijkt het erop dat ook het stadsdeel Zuidoost in Amsterdam er bewust voor kiest het niet al te nauw te nemen met wet- en regelgeving op het gebied van cameratoezicht, privacy en de privacy waarborgen. Het eerste wat opvalt in het bewuste artikel is dat het stadsdeel de opgenomen camerabeelden wil gebruiken om anderen te kunnen opsporen. Het tweede is dat zij spreken over cameratoezicht en niet over camerabeveiliging. En het derde punt is dat zij deze vorm van cameratoezicht gelijkstellen aan het privégebruik van een mobiele telefoon waarmee iemand toevallig een incident heeft gefilmd: alsof er geen verschil bestaat tussen een opname die is gemaakt door een toevallige passant en een opname die is gemaakt door speciaal daarvoor door de overheid op een geheime plek geplaatste camera’s?
Juridische grondslag
Het stadsdeel plaats de camera’s met één doel, namelijk het opsporen van mensen die ’s nachts, als de milieuagenten slapen, hun kans waar zien om op een makkelijke manier van hun grofvuil af te komen door dit naast de vuilcontainers te plaatsen in plaats van het bijvoorbeeld naar de milieustraat te brengen. Milieuagenten zijn bevoegd om op te sporen en hand te haven. Het maakt wat dat betreft niet uit of zij behoren tot een politiedienst of als buitengewoon opsporingsambtenaar (Boa) in dienst zijn van de gemeente (in dit commentaar ga ik er vanuit dat de milieuagenten Boa’s zijn). Beide soorten ambtenaren zijn gehouden aan bepaalde regels als het gaat om het inzetten van technische hulpmiddelen ten behoeve van de opsporing. Wat een goede zaak is, omdat de overheid anders kan doen wat zij wil zonder daar verantwoording over te hoeven afleggen. Hierin schuilt het gevaar dat je als ‘normale’ burger niets meer kunt doen zonder overheidsbemoeienis. Het is dus de vraag of de overheid in deze casus voldoet aan de regels.
Beveiliging of privéopname
Uit de berichtgeving komt niet duidelijk naar voren op welke juridische basis de toepassing van de camera’s is gebaseerd. Het beveiligen van eigendommen is in ieder geval niet aan de orde. Er wordt immers niet gesproken over het beveiligen van de vuilcontainers, maar over het opsporen van overtreders. Het zijn ook geen privéopnames. De vergelijking met de toevallige passant die een filmpje schiet met zijn mobiele telefoon gaat dus ook om deze reden niet op. Dan blijven over: 1. camera’s in het kader van de strafvorderlijke opsporing, 2. camera’s voor het uitvoeren van de politietaak, en 3. cameratoezicht voor het handhaven van de openbare orde.
Artikel 132a Strafvordering
In het artikel wordt verwezen naar het feit dat het niet de bedoeling is dat de camera’s mensen gaan volgen, maar dat zij gericht blijven op één vast punt. Waarschijnlijk dient deze frase in het artikel als een verwijzing naar de strafvorderlijke opsporing. Of beter gezegd de stelselmatige observatie die erop gericht is een aspect uit het leven van een verdachte goed in beeld te krijgen. In eerste instantie is dat hier niet het geval, waardoor dit punt komt te vervallen. Hierbij opmerkende dat, waarschijnlijk onbedoeld, hier wel sprake kan zijn van het stelselmatig observeren van een ‘goed’, in dit geval de vuilniscontainers. Vergelijk dit bijvoorbeeld met het observeren van een bagagekluis op een treinstation, omdat een verdachte daarin een koffertje heeft achtergelaten, en de politie er in geïnteresseerd is wie dat koffertje komt ophalen.
Artikel 2 Politiewet
Omdat de camera’s voor minimaal een jaar in gebruik blijven vervalt ook deze mogelijkheid. Camera’s die door de politie worden gebuikt in het kader van artikel 2 Politiewet kennen namelijk over het algemeen een kortstondig gebruik. Zoals het geval is bij het maken van video-opnamen van voetbalsupporters bij een risico voetbalwedstrijd. Onder bijzondere omstandigheden kan de politie bij het volbrengen van haar taak de camera’s wel voor een langere duur inzetten. De noodzaak daarvoor moet dan wel blijken uit feiten en omstandigheden.
Artikel 151c Gemeentewet (Gemw)
Omdat alle voorgaande opties zijn komen te vervallen blijft het cameratoezicht uit de Gemeentewet, artikel 151c, als laatste mogelijkheid over.
Artikel 151c Gemw wordt ook wel het cameratoezicht artikel van Nederland genoemd. Het artikel is bedoeld voor camera’s die het handhaven van de openbare orde in het publieke domein tot doel hebben. Het artikel geeft de kaders aan waaraan het cameratoezicht dient te voldoen. Het begrip ‘openbare orde’ is een zeer gecompliceerd begrip. Het begrip komen we tegen in verschillende Nederlandse wetten en heeft elke keer een andere invulling. In de Gemeentewet doelt het begrip op: het ordelijk verloop van het gemeenschapsleven, voor zover dat door menselijk handelen beïnvloed en bepaald wordt. In de geest van de Gemeentewet heeft het vooral een preventieve functie; het is vooral gericht op het voorkomen van verstoringen. Als we het illegaal plaatsen van grofvuil scharen onder een verstoring van het ordelijk verloop in het gemeenschapsleven dan kan aan de eis ‘het handhaven van de openbare orde’ in principe worden voldaan. Maar is het artikel 151c Gemw te verenigen met het eerder genoemde opsporingsdoel? En hoe zit het met de restvoorwaarden? Een opsomming: heeft de stadsdeelraad/gemeenteraad het cameratoezicht goedgekeurd (democratische controle)? Heeft de burgemeester daartoe een besluit genomen? Heeft de politie de regie? Wie heeft er toegang tot de camerabeelden? Wie is bevoegd de camerabeelden terug te kijken? Is er een cameraprotocol opgesteld? Is het cameratoezicht aangemeld bij het College Bescherming Persoonsgegevens (de camerabeelden zijn persoonsgegevens, omdat aan de hand van deze beelden mensen geïdentificeerd dienen te worden)? Hoelang worden de beelden bewaard? Hoe is het inzagerecht geregeld? Et cetera, vragen waarop het artikel geen antwoord geeft. En ook als die vragen wel intern beantwoord zijn, blijft de vraag over of een stadsdeel (gemeente) camera’s op basis van artikel 151c Gemw mag inzetten voor de opsporing? Ik ben van mening dat je dat als overheid niet moet willen, en dat het juridisch gezien ook niet kan. Hier worden bevoegdheden verondersteld aanwezig te zijn, terwijl de grondslag voor het uitoefenen van die bevoegdheden ontbreekt.
Hoe dan wel?
Ongeacht hoe ze het in Amsterdam Zuidoost hebben opgelost (ik vermoed dus op basis van artikel 151c Gemw) ligt de kracht van een goede oplossing in zijn eenvoud. Als we het illegaal op straat plaatsen van grofvuil beschouwen als een openbaar orde probleem, dan is in eerste instantie de politie de aangewezen organisatie om dat probleem aan te pakken. Als de politie dat doet dan is ook het probleem van het opsporen opgelost. Het gebruik van camera’s kan vallen onder artikel 2 Politiewet, mits de camera’s daar niet al te lang blijven hangen. Om te beginnen bijvoorbeeld voor een maand en in het kader van een ‘aanpak grofvuil problematiek project’ van de politie. Om stelselmatigheid in het observeren te voorkomen kan ervoor gekozen worden om alleen ’s avonds van 23:00 uur tot en met 06:00 te filmen en hier enigszins in te variëren door bijvoorbeeld een nacht over te slaan. De burgers hoeven niet precies te weten wanneer de camera’s beelden opnemen, als zij maar wel weten dat er camera’s zijn geplaatst en dat de mogelijkheid bestaat dat er beelden worden opgeslagen waar zij op kunnen staan.
Moet alleen de politie hier nog tijd en capaciteit aan willen besteden!